Stottertherapie

Stotteren – normale onvloeiendheden

Wanneer we via een gesprek informatie trachten over te brengen, zijn spraak en taal bij uitstek instrumenten om dat te realiseren. Idealiter verloopt dit op een vlotte manier. Vlot spreken kenmerkt zich door onderstaande drie kenmerken:

  • de klanken volgen elkaar vlot op tot woorden, zinsdelen en zinnen.
  • er wordt gesproken met een zekere spreeksnelheid.
  • het spreken voelt inspanningsloos aan.

stotterenGeen enkele spreker spreekt perfect vloeiend in alle omstandigheden. De continuïteit van de spraak wordt onderbroken door geheugenwerking, aandachtsprocessen, taalordening en de uitvoerbaarheid van spreekbewegingen. Voorbeelden van dergelijke normale onvloeiendheden zijn: stille pauzes, opgevulde pauzes, woordherhalingen, zindsdeelherhalingen en valse starts.
Bovenstaande onvloeiendheden onderbreken de opeenvolging van woorden en hebben een functie. Ze zijn goed te onderscheiden van stottermomenten.

Een stottermoment is een onderbreking binnenin het woord. Er zijn drie soorten te onderscheiden: herhalingen, verlengingen en blokkeringen. Deze onvloeiendheden doen zich ongewild en onvrijwillig voor en hebben geen functie.
Deze soorten onvloeiendheden worden nauwelijks (minder dan 3 op 100 woorden) gemaakt door kinderen die vloeiend praten.

Ontstaan

Stotteren is een universeel verschijnsel. Het komt voor in alle talen en culturen met een gemiddeld percentage van 1 à 1,5% over de gehele bevolkingsgroep.
De aanvang van stotteren doet zich meestal voor tijdens de kinderleeftijd met een gemiddelde leeftijd van 3 jaar en 3 maanden.

In de loop van de voorbije decennia zijn er verscheidene theorieën en modellen ontwikkeld die enig licht trachtten de werpen op de oorzaak van stotteren. Hoewel niet onbesproken bestaat er vandaag toch enige consensus omtrent een geïntegreerde visie op de etiologie van stotteren. Louter de aanwezigheid van stotteren in de spraak van een persoon wijst op een zekere predispositie (genetische aanleg) voor stotteren. Het stotteren komt pas werkelijk tot uiting wanneer er ook, voor de persoon die stottert, uitlokkende factoren aanwezig zijn (voorbeelden zijn: fysieke vermoeidheid, emoties..).

Herstel

Sommige kinderen die beginnen stotteren, herstellen spontaan (d.w.z.: zonder hulp van stottertherapie). Spontaan herstel treedt meestal op binnen een periode van 3 maanden tot 1 jaar na het ontstaan. Het komt meer voor bij meisjes dan bij jongens en bij kinderen die slechts een lichte stotterernst vertonen. Reacties vanuit de omgeving op het stotteren spelen hier een belangrijke rol. Stottertherapie helpt kinderen weer vlot te spreken.